De Pincoffs-affaire | Externe verslaggeving | De Pincoffs-affaire %

Externe verslaggeving

Titel 9 BW 2 & RJ
Accountancy | juli 9, 2024

De Pincoffs-affaire

De Pincoffs-affaire is een grootschalige fraude in Rotterdam aan het eind van de 19e eeuw. Deze fraude, de Pincoffs-affaire, is een belangrijke gebeurtenis geweest waardoor het accountantsberoep in Nederland mede door is ontstaan. Deze fraude is in 1879 aan het licht gekomen.

Lodewijk Pincoffs

Lodewijk Pincoffs (1827-1911) was een koopman met veel aanzien in Rotterdam. Lodewijk Pincoffs had vele ondernemingen in bezit waaronder de naamloze vennootschap Afrikaansche Handelsvereeniging (A.H.V.). Naast zakenman was Lodewijk Pincoffs ook politicus.

Geschiedenis Pincoffs

De voorouders van Lodewijk Pincoffs stammen af van de joden en zijn afkomstig uit Rusland. Vanuit Polen worden de Pincoffs verdreven naar Pruisen. Abraham Levy (vader) werd geboren in Pruisen en verhuisde in de 17e eeuw naar Rotterdam. In Rotterdam wordt de vader een erkend en kundig zakenman, waardoor hij zich tot een hoger welstandsniveau klimt. De handel bestond onder andere uit lotenverkoop. Rotterdam kent in deze tijd armoede maar dit geldt niet voor de Pincoffs.

Lodewijk Pincoffs is geboren op 7 juni 1827 en was het negende kind van Abraham Levy Pincoffs en Roosje Polak. Later zal Lodewijk opleidingen volgen aan privéscholen in Rotterdam en een handelsschool in Duitsland. Na het afronden van deze opleidingen gaat Lodewijk samen met zijn broer Simon aan het werk bij een textielfabriek in Engeland.

In 1849 startten Lodewijk Pincoffs en zijn neef Henry Kerdijk een onderneming op, een textielweverij. De eerste jaren is de onderneming groeiende en de zaken gaan goed. Een verdere doorgroei behoort tot de mogelijkheden.

Internationale handel

Pincoffs en Kerdijk nemen de stap naar een ander product de synthetische kleurstoffen niet, waardoor er een strategische keuze wordt gemaakt voor internationale handel in Afrika. Deze stap wordt gezet door de overname van activiteiten van Leopold Samson die zijn bedrijven in Afrika verkoopt. Eén van de landen waar de activiteiten plaatsvinden is Angola. Deze factorijen die overgenomen zijn bevinden zich in onbekend gebied. Pincoffs en Kerdijk zijn nooit aanwezig in Afrika. De broer van Kerdijk is de aangewezen persoon voor het besturen van de activiteiten in Afrika. De activiteiten in Afrika gaan lange tijd goed, tot het moment van het overlijden van de broer van Kerkdijk in 1860 aan Malaria. Na zijn overlijden ontstaat er gedoe in Afrika.

NV Rotterdamsche Handelsvereeniging

In Nederland gaan ondertussen de zaken ook bijzonder goed. Er is inmiddels een omvangrijke invloed ontstaan van Lodewijk Pincoffs in Rotterdam. Deze invloed bestaat uit ondernemen, politiek en liefdadigheid. Dit gaat gepaard met geld, macht en aanzien. Ook is Lodewijk gul en behulpzaam en zal 17 jaar in de gemeenteraad van Rotterdam functie hebben. Naast lid van de gemeenteraad Rotterdam was Lodewijk ook lid van de Provinciale Staten van Zuid-Holland en de Eerste Kamer.

Lodewijk Pincoffs is een visionair en kan de stad verbeteren en laten groeien. Dit heeft als gevolg dat er uitbreidingen zijn van de spoorwegen en de haven van Rotterdam. In 1972 werd de NV Rotterdamsche Handelsvereeniging (RHV) opgericht. Er is een kapitaal gemoeid van 15 miljoen gulden, waarmee de uitbouw van Feyenoord, het centrum en de haven wordt gerealiseerd. Dit bedrag en dit project is een enorm project.

Naast deze maatschappelijke werkzaamheden is Lodewijk Pincoffs betrokken bij de oprichting van de Rotterdamsche Bank, de Holland-Amerika Lijn en een vestiging van Heineken Rotterdam. Zijn politieke invloed was mogelijk dusdanig groot dat zelfs de burgemeester van Rotterdam dagelijks met Lodewijk de belangen van Rotterdam met hem besprak.

Afrikaansche Handelsvereeniging (AHV)

Rond 1860 weet Lodewijk Pincoffs dat de prins Hendrik der Nederlanden erevoorzitter wordt van de Afrikaansche Handelsvereeniging (AHV). Daarna zal de prins een opstellen en ondertekenen met een aanbeveling voor het verstrekken van meer kapitaal.

Er wordt meer geld aangetrokken vanuit onderpand van partijen producten en schepen. In 1963 treden er negen geldschieters toe tot de commanditaire vennootschap De Afrikaansche Handelsvereeniging (AHV). De AHV bestond op dat moment uit vijftig vestigingen. De rente en dividend bedragen op dat moment gemiddeld 10%. Er is niet zichtbaar dat het ene gat met het andere opgevuld wordt.

Administratieve chaos

De NV Afrikaansche Handelsvereeniging (AHV) werd in 1868 omgezet van een commanditaire vennootschap naar een naamloze vennootschap Afrikaansche Handelsvereeniging met een maatschappelijk kapitaal van vier miljoen gulden.

De Afrikaanse zaken gingen rond 1870 aanzienlijk slechter. Dit is het begin van het verbloemen van de financiële zaken op het Afrikaanse continent.

Er lijkt geen vuiltje aan de lucht, de zaken lijken goed te gaan. In werkelijkheid wordt er geen winst gemaakt en gaan de zaken slecht. Feitelijk was er onzekerheid omtrent de voorraden, onvoldoende inzicht in de realisatie van de handel, er is sprake van verschuiving van omzet (bij verzending van goederen werd dit al geboekt in plaats van bij aflevering). Er zijn gerapporteerde winsten, echter zijn dit in werkelijkheid verliezen. Deze verliezen worden niet opgemerkt, ook niet bij de toezichthouders (commissarissen).

De oprichters Lodewijk Pincoffs en Kerdijk hebben geen control meer op de onderneming. Er ontstaat een tekort aan kasstromen en het eigen vermogen neemt fors af. Er moeten meer leningen worden afgesloten om de onderneming draaiende te houden. Daarnaast gaan er schepen verloren.

Opportunisme Pincoffs

Deze verliezen hebben de oprichters niet weerhouden om door te gaan met het grootste plan. Er wordt meer dividend aangeboden, waarmee het publiek wordt misleid. Vanaf dat moment lijkt er geen weg meer terug en is het misleiden en bedriegen begonnen. Er ontstaat een piramidespel, nieuw geld betalen de vorige investeerders. De opportunistische Pincoffs probeert ook met speculaties en dus grotere risico’s sneller geld te verdienen om de zaken draaiende te houden. Tot dat moment zijn de aandeelhouders tevreden met de hoge rendementen.

Fraude Pincoffs

In 1879 ontdekte Marten Mees, zowel vriend, commissaris als investeerder, dat er kredieten worden opgenomen in Londen en Parijs. Hierdoor ontstaan zorgen bij Marten Mees over de financiële toestand van de Rotterdamsche Handelsvereeniging (RHV) en de Afrikaansche Handelsvereeniging (AHV). Pincoffs erkent in deze periode dat er problemen zijn

Vervolgens probeerde Lodewijk Pincoffs de onderneming te redden door investeerders te verleiden te investeren. In deze missie slaagde Lodewijk niet.

Ontsnapping Pincoffs

Lodewijk Pincoffs vlucht met zijn vrouw en kinderen met de koffers vol met bezittingen naar de Verenigde Staten. Deze instelling slaagde en Pincoffs keerde nooit meer terug.

Het Handelsblad schreef:

De AHV deelde steeds goede dividenden uit en had algemeen en bij een ieder groot krediet:

nu komt echter uit dat de directeuren sedert 8 tot 10 jaren valsche balansen hebben doen opmaken, hetgeen niet te controleeren was, daar doch de zeilende goederen en voor al de voorraden van de goederen aan hunne buitenlandse factorijen op hunne opgave aangenomen moesten worden.

Tijdens het strafproces werd duidelijk dat de miljoenen winsten in werkelijkheid verliezen waren ontstaan. Door middel van valsheid in geschrifte door Lodewijk Pincoffs was er 12 miljoen verduisterd (in deze tijd > 100 miljoen). De investeerders raakten aanzienlijke bedragen kwijt. Pincoffs werd tot acht jaar gevangenisstraf veroordeeld. Deze straf heeft hij door zijn ontsnapping nooit gezeten. Zijn medeoprichter Kerdijk kreeg twee jaar gevangenisstraf.

Vertrouwen Pincoffs

Het lijkt erop dat Pincoffs steeds het volle vertrouwen heeft gekregen. Er was geen of beperkt toezicht. Dit vertrouwen werd sterker door de sfeer van fatsoen en vriendschap, waardoor controleren niet nodig leek te zijn. Daarnaast had Pincoffs een karakter die geen of weinig tegenspraak accepteerde. Binnen de externe verslaggeving en de analyses van fraude is een kenmerkend element een dominerende persoonlijkheid van de fraudeur. Mogelijk had Pincoffs dit element ook.

Ontstaan accountantsberoep

In 1879 legde de pincoffs-affaire bloot dat er gebreken waren in de boekhouding en de controle van het bedrijfsleven. Dit was de laatste stap naar het accountantsberoep.

In 1879 verscheen het boek van C.J. Theunissen met de titel Proeve van administratieve controle in vennootschappen van koophandel. In dit boek werd bepleit dat een controleur aangesteld door het toezichthoudend orgaan essentieel is.

In dat jaar werd ook een controleur aangesteld voor het Nieuwe Afrikaansche Handelsvennootschap. Een aantal jaren later volgde de oprichting van het Bureel van Boeking “Confidentie” te Rotterdam. De naam accountant was er toen nog niet.

Begin accountants

De taken waren in het begin van het ontstaan van de accountants beperkt. Deze taken bestonden toen uit het:

  • Aanleggen en bijhouden en controleren van de koopmansboeken.
  • Ordenen van verwarde administraties.
  • Toezicht uitoefenen.
  • Administreren van boedelbeschrijvingen.
  • Bemiddelaar van geschillen bij administraties of balansposities.
  • Optreden als controleur.

In het begin werd het controleren beschreven als ‘nazien’.

Is fraude fout?

De gebeurtenis van de Pincoffs-affaire is fout in juridische zin. Deze fraude heeft bijgedragen aan verbetering. Dit betekent dat er fouten of problemen nodig zijn om te kunnen verbeteren.

De pincoffs-affaire wordt genoemd als de belangrijkste gebeurtenis in het ontstaan van het accountantsberoep.

Er zijn fouten of misstanden nodig om te kunnen verbeteren

Lees ook deze berichten

Advies nodig of vragen?

0900 - 0706 (70 cent per minuut)

[site_reviews_summary hide=bars,rating] Laat een beoordeling achter / Bekijk alle beoordelingen
[site_reviews_form id="review" title="Laat een beoordeling achter"]